Ringworm (schimmel) bij de kat

Schimmel, ook wel ringworm genoemd, is een geregeld voorkomende huidinfectie bij de kat. Vaak uit een schimmelinfectie bij de kat zich in kale plekken met schilfers en eventueel korstjes. Meestal geven schimmelinfecties bij de kat geen jeuk. Niet iedere kat die schimmel bij zich draagt krijgt plekken. Een kat kan ook drager zijn van schimmel en andere katten weer besmetten. Een schimmelinfectie bij de kat kan zeer hardnekkig zijn. Op deze pagina vindt u de belangrijkste informatie over schimmelinfecties bij de kat en hoe deze het beste te behandelen.

Heeft u na het lezen nog vragen of heeft uw kat mogelijk last van schimmel? Neem dan gerust contact met ons op. Wij helpen u graag!

Wat is ringworm bij de kat?

Ringworm is een schimmelinfectie. Er zijn drie belangrijke types; Trichophyton mentagrophytes, microsporum canis en microsporum gypseum.

Hoe raakt een kat besmet met schimmel (ringworm)?

Schimmels planten zich voort via sporen. Deze sporen kunnen jarenlang overleven en zijn moeilijk te doden. Dieren raken dus meestal besmet via de omgeving, maar kunnen ook besmet worden door besmette dieren.
Ringworm treedt veel vaker op bij katten met een verminderde immuniteit. Daarom zien we dit vaker bij jonge dieren, oudere dieren of dieren met een andere ziekte.

Hoe ziet een schimmelinfectie er bij kat uit?

Ringworm presenteert zich vaak als een kaal, schilferende plek. Echter, soms kunnen dieren over het hele lichaam huidproblemen hebben in de vorm van kaalheid, schilfering en soms jeukende plekken.

Hoe stel je de diagnose van schimmel bij de kat?

  • Door middel van een kweek op haren en schilfers.
  • Door microscopisch onderzoek.
  • Via een Woodse lamp. Dit is een UV lamp die in ongeveer 50% van de infecties een typische oplichting geeft van besmette haren.
  • Sinds kort is er een PCR test beschikbaar. Deze test toont de genen van schimmel aan en is zeer gevoelig. Hierdoor is de schimmelkweek minder in gebruik gekomen.

Hoe behandelen we ringworm bij de kat? 

  • Schimmels produceren zeer veel sporen. Het eerste doel is dit te stoppen of te verminderen. Door de plekken (en soms de hele kat) te scheren en met schimmeldodende shampoo’s of zalven te behandelen zorgen we ervoor dat er geen nieuwe sporen in de omgeving terecht komen. Vaak wordt hiervoor ketoconazole gebruikt.
  • Alle andere dieren in het huis moeten ook goed gecontroleerd worden op een schimmelinfectie. Ook zijn de eigenaren geregeld geïnfecteerd met ringworm en moeten zij ook behandeld worden.
  • Daarnaast behandelen we de kat met schimmeldodende middelen. Itraconazole is een stuk veiliger dan oudere produkten zoals ketoconazole of griseofulvine. Een nadeel is dat dit wel een duurder middel is. Er moet vaak gedurende meerdere weken behandeld worden. Indien er meerdere dieren in huis zijn moeten alle dieren behandeld worden.
  • Als laatste moet de omgeving behandeld worden. In de omgeving van een met schimmel besmette kat liggen zeer veel schimmelsporen. Door goed te stofzuigen en de omgeving te behandelen met verdunde bleek of ketoconazole kan het aantal sporen teruggebracht worden.

 

 

 

s